Slang en duif

Mijn column in het Reformatorisch Dagblad van 19 maart

Er is helaas een cultuur aan het ontstaan waarin christenen al op voorhand verdachte figuren zijn. Ze zullen wel intolerant zijn, met name voor homo’s. Ze zullen hun vrouwen wel onderdrukken en ze indoctrineren hun kinderen met de vreemdste verhalen. Oppassen dus met die christenen. Met die vooroordelen hebben we te maken, en we zullen een weg moeten vinden.

Een wetenschapper als Onno van Schayk, die eenmaal in het openbaar zei dat hij gelooft dat wonderen gebeuren, wordt direct afgeserveerd en zelfs aan de schandpaal genageld. Zijn grote staat van dienst en het feit dat hij gewoon goed is in zijn wetenschappelijke vak deden opeens niet meer ter zake. Het christelijke geluid mocht kennelijk niet gehoord worden.

Een ander voorbeeld. Toen afgelopen week de Turkse regering protesteerde tegen de plaatsing van een Turkse jongen bij twee lesbische pleegouders, werden niet alleen de ‘verworvenheden’ van het homohuwelijk geroemd. Je kon ook horen dat er natuurlijk wel grenzen zijn aan waar je pleegkinderen onderbrengt. Met christelijke gezinnen moet je vaak oppassen, want wat krijgen ze daar mee? Daar ligt toch wel een grens!

We kunnen er over klagen, maar het is wel de realiteit waar we ons hoe langer hoe minder aan kunnen onttrekken. Christenen zullen bij sollicitaties in toenemende mate argwanend worden bekeken, omdat ze volgens dominante liberale maatstaven mogelijk niet te vertrouwen zouden zijn. Hoe complexer de functie, des te meer het er om gaat spannen.

Er is reden genoeg om de barricaden op te gaan en het op te nemen voor gewetensvrijheid en geloofsvrijheid. Toch neemt dat niet altijd de spanning weg tussen geloofsovertuiging en het werk dat je doet.

Er zijn mensen die deze spanning voluit aanvaarden en die er goed in kunnen functioneren. Zij verdienen meer steun uit christelijke kring dan ze vaak krijgen. De Amsterdamse politiechef Pieter-Jaap Aalbersberg is er zo een. In een interview in deze krant spreekt hij vrijuit over zijn persoonlijke geloofsovertuiging, maar tegelijk heeft hij geen moeite heeft de Gaypride, waar hij zijn werk moet doen om de veiligheid te bewaken. Hij spreekt ook positief over het netwerk van homoseksuelen bij de politie. Amsterdam zou ook te klein zijn geweest als hij wat anders had gezegd. Hij moet er immers voor alle Amsterdammers zijn, afgezien van zijn persoonlijke geloofsovertuiging.

Niet iedereen zal op deze manier kunnen of willen werken. Maar christenen die met beide benen in de modder van onze maatschappij durven gaan staan, zijn de Obadja’s en Nehemia’s van onze tijd. Zij verdienen ons gebed om voorzichtige wijsheid en gehoorzaamheid. Zoals Jezus zegt:  bedachtzaam als de slangen en oprecht als de duiven.

Advertenties
Geen categorie